Betfred.com World Snooker Championship 2009
Wat hij gaat doen met de 250.000 Britse ponden die hij verdiende met zijn derde wereldtitel? Dat vraagt John Higgins aan zijn vrouw Denise. En of de Schot die hattrick ging vieren met een biertje of tien? “Weet ik niet. Ik heb sinds kerst geen druppel meer gedronken”, aldus de Wizard of Wishaw. Maandag 4 mei versloeg hij in de finale van het Betfred.com WK snooker 2009 in The Crucible Theatre te Sheffield met 18-9 Shaun Murphy, de kampioen van 2005.
Door Peter de Brie, vanuit The Crucible Theatre
Higgins valt flink in de prijzen met zijn derde WK-goud en nog maar eens een kwart miljoen pond, nadat hij in april al koninklijk was onderscheiden op Buckingham Palace door prinses Anne. Maar drie keer koning van The Crucible, het is weinigen gegeven. Alleen Stephen Hendry (7), Steve Davis (6) en Ronnie O’Sullivan (3) deden even goed of beter.
Higgins volgde als jochie een harde leerschool door te oefenen met zijn Schotse landgenoot Stephen Hendry op de top van zijn regeerperiode. De ene afstraffing volgde op de andere. Maar John kweekte karakter, schaafde aan zijn techniek en bleef volharden. In1998 werd hij beloond met zijn eerste wereldtitel.
Toch zou het tot 2007 duren voor hij voor de beker uit 1927 voor de tweede keer in triomf in de hoogte mocht steken. In 2000 brak er immers iets in Higgins toen hij in de halve finale van het WK een 14-10-voorsprong uit handen gaf tegen Mark Williams. Mentaal beschadigd kon hij zijn oude toewijding aan de trainingstafel niet terugvinden.
Tegen zijn natuur in zakte Higgins af en toe flink door met voetbalvrienden die ook Glasgow Rangers aanhangen. Triest dieptepunt vormde de Malta Cup in 2006, toen hij na een verloren finale dronken uit het vliegtuig werd gezet. Hoog tijd voor verandering. John zwoor de drank af en sloeg weer aan het oefenen als voorheen. Het leverde hem de wereldtitels van 2007 en nu dus ook 2009 op.
De eindstrijd kende dit jaar een primeur met de 42-jarige Schotse Michaela Tabb, de eerste vrouwelijke scheidsrechter in een WK-finale. De moeder van Morgan en Preston, die zelf ooit een EK pool op haar naam schreef, telde in de openingsframe een 78-break van Higgins, die Murphy kort hield en 3-0 uitliep. Pas in de vierde frame kreeg de rossige Engelsman de hatelijke nul van het scorebord.
Na de interval volgde een rommelpot waarin Tabb meermaals een miss gaf aan Murphy en op enig moment assistentie nodig had van onze landgenoot Jan Verhaas, haar collega-referee, om alle verplaatste ballen correct terug te leggen. Murphy won toch die frame nog, liet er een 109 op volgen en nam daarna voor het eerst de leiding. Op blauw kon Higgins er nog net 4-4 van maken.
De Schot won ook de eerste frame van de zondagavondsessie, maar leek nog steeds niet optimaal op zijn gemak. Murphy maakte gelijk, 5-5, maar liet in frame elf kans twee goede kansen glippen, waarna Higgins met 32 clearde. Dankzij een 95 – met een erg lastige, dappere rode halverwege – kon Higgins met 7-5 aan zijn kopje thee nippen.
Murphy kwam bepaald niet lekker uit de kleedkamer en liet in frame dertien kansen liggen. Higgins rook bloed en vond eindelijk de volledig vloeiende stijl die hem al negentien eerdere rankingtitels opleverde. Met breaks van 128, 51 en nogmaals 128 kon hij met 11-5 op twee oren gaan slapen en al voorzichtig dromen van zijn derde titel: een kunstje dat alleen Stephen Hendry, Steve Davis en Ronnie O’Sullivan hem ooit voordeden.
De kloof van 11-5 was in WK-finales nog nooit gedicht. Een lastige taak dus voor Murphy, die maandagmiddag een cruciale gele miste (12-5), maar opveerde met een 91. In frame negentien faalde hij op blauw, Higgins niet. De Schot snookerde zichzelf daarbij, maar potte roze met een lossebandstoot. Een gemankeerde rode bal door Murphy leidde tot 14-6.
Na de interval stal de rossige Engelsman twee frames met een 47 en 79, maar een gemiste zwarte hielp Higgins terug in het zadel. Na een riskante roze bal tikte hij 61 weg. Even dreigde Murphy nog een frame terug te pakken, maar forceerde geel toen hij leek af te ruimen. Een snooker en een koele clearance vlagden de sessie af op 16-8 voor de Wizard of Wishaw.
De avondsessie in de volgepakte Crucible kende een bont gezelschap, met Zuid-Afrikanen, twee Oekraiense Higgins-fan gehuld in Schotse vlaggen en een Nederlands gezelschap van The Fifth Planet pontificaal in beeld. Higgins raakte met break van 48 en 58 op de drempel van de titel. Even lag Murphy nog dwars, maar een 73 beslechtte het pleit: 18-9 voor Higgins.
De doorgaans zo ingetogen Schot grijnsde van oor tot oor toen hij zijn vrouw Denise en zijn kinderen verwelkomde in de arena: de lachende Pierce vol trots, de huilende Oliver die van slag raakte door zoveel drukte en de kraaiende Claudia.
Murphy complimenteerde Higgins. “Snooker lijkt soms zo simpel op tv. Maar John is tactisch gezien de beste speler ooit en geloof me: ik heb hier twee dagen aan de tafel gestaan en vooral probleemsituaties voor me gezien.”
Higgins toonde zich verheugd dat hij zich bij de grote namen Hendry, Davis en O’Sullivan had gevoegd. The Rocket zei na zijn uitschakeling dat Higgins nu de meeste kans maakte op de titel. “Ronnie zegt vaak stomme dingen, maar toch ook wel slimme”, grinnikte de Schot. Met zijn 33 jaar is hij na Dennis Taylor (36 bij zijn black ball-triomf in 1985) de oudste winnaar uit de moderne geschiedenis. “Maar in deze vorm kan ik nog wel even mee.”
Finale: John Higgins (Schot) - Shaun Murphy (Eng) 18-9
Sessie 1, 4-4
83(78)-0, 85(52)-6, 79(43)-20, 7-83(58), 50-96(46,41), 4-114 (109), 49(44)-63, 69(50)-34.
Sessie 2, 11-5
98(57)-1, 12-87(52), 70-51, 95(95)-11, 70-45, 132(128)-0, 82(51)-0, 128(128)-6.
Sessie 3, 16-8
64-42(41), 0-91(91), 60-49, 76(49)-43(43), 28-70(47), 49(45)-79(79), 94(61)-26, 80(52)-59.
Sessie 4, 18-9
106(48,58)-21, 0-78(59), 105(73)-0.
Hoogste breaks
147 Stephen Hendry (kwartfinale)
141 John Higgins (kwartfinale)
140 Stephen Hendry (laatste 16)
140 Ronnie O’Sullivan (laatste 32)





